Naomi (31)

Life Cycle Technoloog

Waar komt jouw beroep Life Cycle Technoloog vandaan?
“De wereldbevolking is sinds 2010 enorm toegenomen. Op dit moment, in 2030, leven er meer dan 8 miljard mensen op aarde. Dit betekent meer afval en een steeds grotere schaarste aan grondstoffen en energiebronnen. Het is daarom essentieel dat we duurzaam omgaan met de nog beschikbare grondstoffen. De ‘plastic soups’ in het midden van de oceaan, waar enorme hoeveelheden afval en plastic bijeendrijven, zijn flink gegroeid. Ze confronteren ons met de gevolgen van het jarenlange gebruik van non-recyclebaar materiaal.

Gelukkig is duurzaamheid tegenwoordig veel belangrijker en is er meer aandacht voor schaarse materialen en verwerking en hergebruik van afval. Afval is er steeds minder, want we houden al op de tekentafel rekening met hergebruik. Het duurzame ‘cradle to cradle’-principe is enorm populair geworden. Dit houdt in dat alle gebruikte materialen na hun leven in het ene product nuttig worden ingezet in een ander product. Cradle to cradle is in de bouwsector nu bijvoorbeeld de gangbare manier van bouwen. Bij een cradle to cradle-gebouw bouwen we vanuit de gedachte dat we afval zoveel mogelijk moeten vermijden. Alles aan het gebouw is hierop gericht. Zo moeten bouwstenen en raamkozijnen makkelijk opnieuw te gebruiken zijn. Deze ontwikkeling vraagt om mensen die het opnieuw gebruiken van materialen kunnen coördineren en hierin kunnen adviseren. Een van die mensen ben ik.”

Wat doe je als Life Cycle Technoloog?
“Mijn werkdagen zijn heel afwisselend. ’s Ochtends werk ik bijvoorbeeld aan de ontwikkeling van een materiaal dat op meerdere manieren toepasbaar is en daarom zo veel mogelijk hergebruikt kan worden. Ik ben nu bezig met de verwerking van rubber dat geschikt is voor zowel autobanden als schoenzolen. Na gebruik kun je het rubber weer omsmelten tot een nieuwe band of zool, zonder dat het de sterke flexibele eigenschappen verliest. Later op diezelfde werkdag ben ik bezig met iets heel anders. Dan adviseer ik namelijk een bouworganisatie over welke materialen ze kunnen hergebruiken na de sloop van een bestaand gebouw en hoe ze die materialen vervolgens kunnen toepassen in het nieuwe gebouw. Ik ben zo constant bezig met het beoordelen, optimaliseren en verlengen van de levensloop van uiteenlopende materialen en producten.”

Welke opleiding heb je gevolgd om Life Cycle Technoloog te worden?
“Op de middelbare school wilde ik altijd architect worden, dus koos ik op de havo voor een NT-profiel. Na de middelbare school ging ik op het hbo Bouwkunde studeren, met als aanvulling een minor Duurzame Ontwikkeling. Daar kwam ik in aanraking met het cradle to cradle-principe. Dat vond ik zo interessant dat ik de master Life Cycle Technology aan de universiteit ben gaan doen. Voor mijn werk heb ik kennis nodig van veel verschillende gebieden. Kennis van materialen, van bouwtechnieken, maar ook van duurzame toepassingen. Bouwkunde was hiervoor een goede basis, maar door de minor Duurzame Ontwikkeling en de Life Cycle Technology-master ben ik ook in staat om het gebouw binnen een duurzame context te plaatsen.”

Welke voldoening haal je uit jouw werk?
“Duurzaamheid is enorm belangrijk. Bij zowel overheden als het bedrijfsleven dringt dit besef steeds verder door. Ik word daarom ingehuurd door veel verschillende organisaties. Doordat ik deze organisaties help om op een duurzame manier om te gaan met materialen kan ik bijdragen aan een beter milieu. Mijn werk stelt mij daarmee in staat echt dingen te veranderen en dat geeft veel voldoening. Bovendien zorgt de grote vraag naar mijn expertise ervoor dat ik nooit om werk verlegen zit en ook goed betaald word voor mijn diensten. Mijn professionele toekomst ziet er goed uit!”